Toen we in 2022 in het huis trokken waren de muren nog niet gestuukt. We legden wat oude vloerkleden en tapijttegels op de vloer als tijdelijke voorziening en beloofden onszelf een houten vloer als we klaar zouden zijn met de muren.

De buitenmuren hebben we in 2022 al geleemd. Maar het muurtje tussen de woonkamer en de keuken moet nog steeds. Dat is zoiets dat steeds blijft liggen, en langer duurt dan gepland. Komt ook doordat ik nog niet goed weet hoe ik het aan wil pakken.

En bovendien ging de kopse gevel van het huis erg werken. Tussen de staanders van het gebint en de gevel ontstond een enorme spleet, waardoor ook een stuk van de leemlaag afbrokkelde. Daarvoor wil ik ook nog een keer de stukadoorsspaan ter hand nemen.

Dus de twee verschillende (inmiddels enorm smerige) vloerkleden en twee verschillende soorten tapijttegels die bovendien niet eens de hele vloer bedekten lagen er vier jaar later nog altijd. En toen verkochten Joris’ ouders hun vakantiehuisje in Zeeland. Daarvan was de zolder belegd met donkerblauwe tapijttegels.

“Meenemen?” vroeg Joris. “Wel behoorlijk donker…”
“Mja,” appte ik terug. “Maar als het er genoeg zijn voor de hele kamer wordt het wel meer een eenheid. Dat kijkt misschien rustiger.”
“Oké, ik gooi de hele stapel wel in de bus.”
Dus hebben we op eerste Kerstdag blauwe tapijttegels gelegd in de woonkamer. Ze zijn inderdaad behoorlijk donker. En behoorlijk gemeleerd. (Dat laatste heeft dan weer als voordeel dat ze minder besmettelijk zijn dan het witte wollen kleed wat er jaren lag.) En donkerblauw is niet echt meer onze kleur, dus ze staan heel erg lelijk bij de bank en bij de tegels van de keuken.


Maar het is inderdaad meer een eenheid, de kamer lijkt er groter door (zij het met een zekere studentenkamer-vibe) en het vóélt ook rustiger. Aan je voeten. Omdat je niet meer telkens al die overgangen in vloerbedekking, en de randjes waar kleden over elkaar heen lagen, voelt.

De kerstboom (in loodzware speciekuip met aarde) bleek exact op de plek van één tegel te staan, dus toen die op 2 januari weg was kon Joris de laatste tegels leggen. Nu ook netjes om de pootjes van de boekenkast heen.

En zo hebben we nu kamerbreed studententapijt. Oppassen dat we er niet aan wennen. Een wijze buurman zei ooit “Niets is zo permanent als een tijdelijke oplossing!” Maar ik hoop nog steeds dat er vólgende winter een houten vloer ligt…
