Oproep!

UPDATE 7 MEI Intussen is aangekondigd dat de maatregelen voorzichtig versoepeld gaan worden. En durven we dus weer erop te mikken dat het kalkhennep storten met een groep vrijwilligers door kan gaan. Bij deze een hernieuwde oproep voor vrijwilligers. Want kalkhennep storten is niet bijzonder zwaar of moeilijk, maar wel véél werk, waarbij veel handjes goed van pas komen.

Uiteraard nemen we daarbij de 1,5 meter afstand in acht en zorgen we voor voldoende hygiëne. Intussen kan ik ook melden dat er een ‘mobiele badkamer’ is gereserveerd, dus douchen is ook mogelijk. Plek genoeg voor tentjes en we hopen dat het tegen die tijd weer zulk mooi weer wordt (in de tussentijd mag het wel even regenen, dan blijft het gras groen…)


UPDATE 6 APRIL Sinds ik onderstaande blog schreef is er natuurlijk van alles veranderd. Momenteel weten we niet hoe lang de maatregelen om het coronavirus af te remmen van kracht blijven. En welke maatregelen het eerst zullen worden opgeheven. Of het eind juni verstandig is om met een gezellige groep kalkhennep te storten… we weten het echt niet. Misschien dat het niet eens mag. Maar het kan ook zijn dat de epidemie (in ons deel van de wereld) snel over raast en de maatregelen versoepeld kunnen worden. En dan is het natuurlijk júíst leuk om mee te doen, want er zijn al zoveel zaken afgelast. We houden het er even op dat het doorgaat. Mocht dat anders worden, dan laten we dat natuurlijk weten. Blijf allemaal gezond en hopelijk tot snel!


ORIGINEEL BERICHT Terwijl het dak zielig in de regen staat te wachten, zijn we in gedachten al bezig met de volgende stap: de muren. Dat is eigenlijk het meest bijzondere onderdeel van het huis. De muren worden namelijk gemaakt van kalkhennep.

Wat is kalkhennep? Simpel gezegd: een mengsel van kalk en hennep. De hennepplant (we hebben het hier dus over de industriële variant, niet de rassen met een hoog THC gehalte) levert twee nuttige grondstoffen: vezels aan de buitenkant van de steel en heel poreus ‘hout’ aan de binnenkant. Het is zo poreus, omdat hennep supersnel groeit. Dat maakt het een milieuvriendelijker materiaal dan hout. Hennep levert per hectare per jaar 4 x zoveel biomassa op als bos.

Dat ‘hennephout’ wordt versnipperd tot ‘scheven’. Die worden aan elkaar gekit met zuivere hydraulische kalk. Dat mengsel (90% hennep, 10% kalk, plus wat water) wordt gestort in een bekisting. En dat levert een muur op die

  • heel stevig is (in het Engels heet het ‘hempcrete’, ofwel ‘hennepbeton’);
  • relatief licht is (althans, vergeleken met baksteen);
  • damp-open, ademend en vochtregulerend is;
  • niet aantrekkelijk is voor ongedierte zoals muizen;
  • schimmeldodend en bacteriewerend is;
  • redelijk waterbestendig is (meer dan strobouw);
  • heel goed isoleert maar tegelijkertijd een hoge thermische massa heeft;

en bovendien een héél lage milieubelasting geeft. De hennep neemt tijdens de groei CO2 op. Bij het branden van de kalk komt weliswaar CO2 vrij, maar gedurende het uitharden neemt de kalkhennep die CO2 weer op uit de lucht. Op de website van Vereniging Kalkhennep Nederland is er meer over te lezen.

Een behoorlijk ideaal bouwmateriaal dus. Waarom wordt het dan nog niet massaal gebruikt in plaats van baksteen? Tja, veranderingen gaan langzaam en de bouw is een behoorlijk conservatieve sector. Maar daarnaast speelt mee, dat het aanbrengen tamelijk arbeidsintensief is. De aangemaakte kalkhennep moet laagje voor laagje worden gestort. Elke laag wordt dan met de hand, aan de buitenkant van de muur, dus tegen de bekisting aan, iets aangeduwd. Op die manier wordt het mengsel aan de buitenkant van de muur iets dichter (zodat het er niet doorheen tocht) maar aan de binnenkant blijft het open (zodat de isolerende werking goed behouden blijft).

Op deze foto’s zie je goed dat de muur uit laagjes kalkhennep wordt opgebouwd

In Frankrijk zijn wel al bedrijven op de markt die kalkhennep machinaal aanbrengen. Maar Nederland is gewoon nog niet zover. En bij deze klus kunnen wij dus héél veel handjes gebruiken. We zoeken dus hulp!

Ben of ken je iemand die interesse heeft om met dit mooie materiaal te leren werken: dit is je kans! We vragen: enthousiasme en werklust. We bieden: een interessante klus op ons mooie landgoed, koffie, thee en een lekkere lunch. Voor wie meerdere dagen meewerkt zorgen we bovendien voor een (eenvoudige) avondmaaltijd.

Het werk wordt begeleid door aannemersbedrijf Ecobouw Salland, dè kalkhennepspecialisten van Nederland. We zoeken voor iedere dag maximaal 5 vrijwilligers. Naar schatting zal het werk ongeveer 7 werkdagen (08.00-17.00) duren, vanaf maandag 29 juni.

Hier sta ik bij een demonstratie ‘bouwen met kalkhennep’ in 2018. Onze aannemer is het materiaal aan het mixen. Even later mocht ik het zelf storten en aanduwen. Het is niet heel erg zwaar werk, maar als je het een hele dag doet natuurlijk wel een goede work-out 😉

Behalve vrijwilligers voor de kalkhennep zoek ik ook hulpkrachten voor de catering. Want ik wil natuurlijk zelf ook aan de muren bouwen, en niet alleen maar broodjes smeren en koffie zetten voor de harde werkers!

Wie meerdere dagen wil helpen mag komen kamperen met tent of (klein) kampeerbusje. De voorzieningen zijn wel héél eenvoudig (composttoilet en kraan), maar we proberen om vóór die tijd nog een solar shower te regelen, zodat er in ieder geval warm gedoucht kan worden. En we hopen natuurlijk op mooi weer met heldere nachten, zodat er genoten kan worden van kampvuur onder de mooie sterrenhemels van De Hoeve …

Regen en wind

Regen en wind…regen en wind… December en januari waren ons nog redelijk gunstig gezind. Februari niet. Semi-permanent windkracht 5 en hoger, drie officiële stormen binnen twee weken en buien, die overgaan in regen, die overgaat in buien, die overgaan in motregen, die weer overgaat in regen maken het werk aan het dak vrijwel onmogelijk.

Als het even wat minder hard waait (en droog is) probeer ik snel nog wat panlatten bij te werken. Maar voor het grootste deel waait het te hard om het dak op te gaan. Joris probeert tussen de buien de ingewikkelde details van het overstek te maken. Maar ook dat gaat gewoon niet als er intussen een waterval van het dak over je heen spoelt. Gereedschap wordt nat, luchtdicht tape wil niet plakken.

Door de horizontale regen staat het huis weer vol water, de kelder ook. Het weiland zompt (op zich kon het land wel wat water gebruiken) en de poel is uitgegroeid tot een meer dat ons doet denken aan het natte najaar van 2017, toen we hier begonnen. De schapenstal (die erg wrak is) lekt op allerlei plaatsen. En het huis staat maar nat te worden. Gefrustreerd kijken we omhoog naar de houtvezel dakplaten. Ze schijnen ertegen te kunnen. Maar we hadden er al lang pannen overheen willen hebben.

Begin februari heeft de aannemer een steiger geplaatst. Maar die staat werkeloos te wachten (wat natuurlijk geld kost). Joris heeft een week vrij genomen om de laatste dingen te doen vóór de aannemer aan de slag kan. Maar het KNMI voorspelt steeds meer regen. Hoe vaak we ook naar het weerbericht kijken, het wordt maar niet beter!

Kom op Gerrit Hiemstra, does lief voor ons!

Dak dichten (3)

Wat is zo’n dak gróót! En wat is het dan allemaal veel werk!

Inmiddels zit het merendeel van de houtvezelplaten er op. De onderste rij nog niet, want dat kan pas als ook het overstek is aangebracht. Joris heeft intussen uitgewerkt hoe hij dat wil gaan doen en is druk bezig het hout op maat te zagen voor een kleine 50 m overstek.

Voor het beeld: Nu lijken de muren nog relatief hoog. Maar uiteindelijk komen de pannen tot een kleine 20 cm voorbij de muurplaat (de horizontale balk onderaan de sporen) Daaronder komt een brede goot, die zowel water gaat opvangen als ’s zomers voor welkome schaduw gaat zorgen. De grond rond het huis zal uiteindelijk opgehoogd worden tot iets boven het niveau van de betonnen rand. De verhouding dak / muur oogt dan een stuk authentieker.

Ook de dragers voor de ‘nokruiter’ zitten er al op. De hoekkepers zijn beschermd met folie, wat ook weer is vastgezet met balken. Daarop komen de dragers voor de ‘keperruiters’.

Ik heb een halve middag rondgereden in de buurt om te kijken hoe groot uleborden horen te zijn. We maken geen echte geornamenteerde uleborden, maar wel een verlengde nok met een ‘driehoekje’. Dat is groter dan je denkt… Helaas kwam de ideale maat net niet uit met de plek van de sporen. Ze zijn nu aan de kleine kant, maar anders zouden ze ofwel héél groot worden (wat geen gezicht is) ofwel het werd weer héél ingewikkeld om ze te construeren (en we hebben al genoeg te doen).

De mooie tweedehands Opnieuw Verbeterde Holle Pannen die we hebben gekocht sluiten prachtig, maar hebben weinig speling. De panlatten moeten dus niet teveel afwijken van de 30,7 cm werkende lengte. Wanneer je werkt met een blokje ertussen kan dat zomaar gebeuren. Eén of twee millimeter afwijking laten ze wel toe. Maar na 10 pannen steeds dezelfde millimeter extra is het zomaar een centimeter en dat gaat niet goed. We hebben héél zorgvuldig de afstand van de bovenste panlat af gemeten om onderaan (19 pannen omlaag) een ‘referentiepanlat’ aan te brengen. Daarna heb ik (opnieuw héél zorgvuldig) de hoogtes afgetekend waar de panlatten moeten komen. En dan maar schroeven…

Héél veel panlatten!

Intussen moeten we natuurlijk ook gewoon werken, wandelen met Aska, het huishouden draaiende houden en de dieren verzorgen. We moeten dus helaas steeds vaker ‘nee’ verkopen als mensen op bezoek willen komen of iets met ons willen afspreken. Sorry iedereen, we willen echt onze vrienden en familie niet te kort doen, maar het is nu echt prioriteit nr. 1 dat het dak dicht komt!

Wat wel ontzettend fijn is, is dat we nu een Droge Zolder hebben(nou ja, enigszins droge, en het tocht er flink). En een ‘onder het dak’ (al waait op de benedenverdieping nog wel erg veel regen naar binnen). Bouwmaterialen kunnen we daardoor nu enigszins droog opslaan, zonder dat ze ruimte in de werkplaats innemen. Heel plezierig!

En wat een ruimte! (Maar goed dat we niet voor een steilere dakhelling gekozen hebben, dan zou het nog hoger zijn geworden!)

Planning of volgorde?

“En?”, vraagt iedereen, “wanneer gaan jullie erin?”

Wij antwoorden dan standaard : “Vóór de kerst.”

En als mensen wat glazig kijken verhelderen we nog: “Het is ieder jaar kerst. We zeggen niet welk jaar.”

De werkelijkheid is gewoon dat we geen planning hebben. Om de simpele reden dat bij een project als dit een planning alleen maar voor frustraties zorgt. In de praktijk kost ieder bouwonderdeel méér tijd dan je denkt. Omdat, als je je erin gaat verdiepen, er (véél) meer handelingen nodig zijn dan je denkt.

Je denkt bijvoorbeeld: “Nou, het dak doen we in januari, dan kunnen we februari het houtskelet zetten en in maart kalkhennep gaan storten”

Echt niet.

Want eerst moeten alle platen op het dak bevestigd worden (oeps! de schroeven zijn op! en het is zondag!), er moet folie aan de onderkant bevestigd worden (folie uitrollen, op maat knippen, weer oprollen zodat je het naar boven kunt sjouwen, in positie brengen, vastnieten…), vervolgens moet je de naden aftapen met luchtdichte dampopen tape (oeps! het regent drie weken dus kan je niet tapen!), daarna moeten er panlatten bevestigd worden (wat is de werkende lengte van de dakpannen?) en ‘ruiters’ op de nok en de hoekkepers (dat alleen al gaat ettelijke weekends kosten) en dán pas kan de aannemer pannen gaan leggen. Maar als jíj weet wanneer je klaar bent heeft de aannemer het juist heel erg druk en kan hij pas over drie weken ruimte maken. En dan stormt het net een week lang. En dan zit je opeens al in maart. En moet je nog beginnen met het houtskelet.

Als je dan toeleeft naar ‘eind dit jaar kunnen we er in’ moet je dat keer op keer bijstellen. En dan word je dus heel erg gefrustreerd. Doen we niet. Dit is een once-in-a-lifetime project. Het gaat niet alleen om het resultaat, maar ook om de weg er naar toe. Daar willen we óók van genieten.

“Der Weg ist das Ziel”, zeggen ze in Duitsland zo mooi.

Tegelijkertijd is het wel handig om íets van een planning te hebben, want sommige onderdelen besteden we uit aan aannemers en die hebben een bepaalde aanlooptijd / productietijd nodig. En in 2020 hopen we ook een aantal onderdelen te doen waarbij we vrijwilligers nodig hebben (met name het storten van de kalkhennep!) Daarvoor moeten mensen natuurlijk weten wanneer we dat (ongeveer) gaan doen, zodat ze vast tijd in hun agenda kunnen reserveren 🙂

Daarom heb ik een nieuwe webpagina toegevoegd, waarop ik aangeef wat de volgorde is van de bouwonderdelen. Naarmate een bepaald onderdeel dichterbij komt krijgen we er meer zicht op welke deel-handelingen daarvoor nodig zijn en hoeveel tijd die ongeveer gaan nemen. En zo ontstaat er toch een soort van planning. Zo lang het geen deadline gaat heten!

Dak dichten (2)

We wensen iedereen een gezond en mooi 2020!

De hele kerst’vakantie’ zijn we druk aan het werk met het dak. Vandaag alleen even niet, want momenteel giet het van de regen. Helaas schiet het minder op dan we wel zouden willen. Het zijn weer veel (tijdrovende) handelingen:

  • platen één voor één naar boven manoeuvreren en op hun plaats brengen;
  • voor de platen aan de randen bepalen hoe groot ze moeten worden en zo goed mogelijk op maat afzagen;
  • balken naar boven manoeuvreren en de platen er mee vastzetten;
  • op de balken weer (tijdelijke) panlatten aanbrengen, waarover we over het dak kunnen klimmen voor het afwerken van de randen en de nok;
  • platen langs de nok exact op maat maken;
  • de naad waar de nokplaten elkaar raken afwerken met dampopen, luchtdichte tape;
  • aan de onderkant folie aanbrengen (18 m folie, lastig te hanteren met z’n tweeën!);
  • de laatste (onderste) laag platen over de folie aanbrengen.
Aan de voorkant komt nog een dakkapel op het dak. Maar die maken we later. Nu eerst het dak dicht!
Hier is de nok nog niet helemaal dicht, maar je kunt al zien hoe de zolder eruit gaat zien. Ooit wordt dit ons kantoor / studeerkamer.

Uiteraard kan je boven op het dak alleen maar langzaam en behoedzaam werken. Schroeven indraaien met dikke werkhandschoenen gaat niet goed, dus we hebben alleen maar dunne handschoenen aan (die maken het al onhandig genoeg werken!) Bij 2 graden boven nul met motregen en wind verkleum je dan in no time. En moet je dus na anderhalf uur werken weer opwarmen bij de kachel. Gelukkig was het op oudejaarsdag mooi weer en bijna comfortabel op de zuidkant van het dak.

We hebben de 2 grote dakvlakken af gekregen tijdens het goede weer. Maar vóór de kopse kanten kunnen worden afgewerkt moeten eerst de platen langs de rand onder de juiste hoek worden bijgezaagd. We hebben ze gewoon haaks ‘op maat’ gezaagd. (Of überhaupt nog niet, zoals te zien is op de foto’s). Maar omdat beide dakvlakken een hellingshoek hebben van 43 graden en de platen een dikte hebben van 5 cm, moeten ze ook scheef worden afgezaagd om ze goed te laten aansluiten. Joris heeft een mal gemaakt om onder de juiste hoek te kunnen zagen. Dan nog is het lastig. En het gaat ontzettend langzaam, de reciprozaag loopt vol met houtvezels.


En vandaag giet het dus van de regen en kunnen we überhaupt niet verder. Frustrerend, want dinsdag is er veel wind voorspeld en ik wilde dan in elk geval het zuidwestelijke dakvlak dicht hebben. Tja, als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat.

Het zou natuurlijk een perfecte dag zijn om boompjes te (ver)planten. Maar eigenlijk heb ik er ook helemaal geen zin in om dat in de stromende regen te gaan doen. Dus misschien is het wel een perfecte dag om bij de kachel op te krullen met een boekje… (nádat ik mijn administratie en BTW-aangifte heb gedaan!)

Iedere vrije minuut is Joris bezig met bedenken hoe hij de details precies wil uitvoeren

Dak dichten (1)

Nu het een paar dagen wat rustiger weer is zijn we begonnen de houtvezelplaten (Gutex ultratherm) op het dak te monteren. Het valt niet mee! Plaat voor plaat moet naar boven gemanoeuvreerd, in elkaar geschoven en vastgezet. De bovenste (eerste) rij moet strak waterpas. Aan de zijkanten, bij de hoeken van het schilddak, moeten we zó uitkomen dat de platen nog aan de sporen kunnen worden vastgezet. En de verticale naden tussen de platen mogen niet te dicht bij elkaar uitkomen. Een boel gepuzzel!

Bovenop de platen monteren we 5 cm dikke balken. Hierop komen de panlatten, waar de dakpannen aan hangen. De 5 cm dikke balken schroeven we dóór de platen aan de sporen vast. Maar dat kan natuurlijk alleen maar als je nog ziet wat je doet. En er nog bij kunt. Dat betekent dat we de balken vastschroeven zodra de bovenste plaat geplaatst is. De rest van de platen moet dus van onderaf onder de balken geschoven. Uiteraard is het hout nooit helemaal recht, dus het is een hoop gepuzzel en gevloek. En dat alles op grote hoogte…



Ja, alle foto’s zijn van Joris. Als we samen bovenaan bezig zijn worden er namelijk geen foto’s gemaakt 😉 Op deze foto is ook goed te zien dat de vastzet-balken soms doorhangen, of juist omhoog krullen. Dat maakt het op hun plek krijgen van de platen ook niet makkelijker.

Ik ben ook nog steeds snel vermoeid van de kaakoperatie. Kortom, het gaat langzaam. En dat is spannend. Want het is nu best gunstig weer. Maar harde wind kan het dak in deze staat niet hebben. (Regen in principe wel, maar niet oneindig veel natuurlijk.) Na 2 1/2 dag hebben we 1 dakvlak bijna af. Maar in de nok, de hoeken en het afwerken van de onderkant gaat nog veel meer werk zitten. Doorwerken dus, en duimen dat de stormen nog even op zich laten wachten!

1 dakvlak bijna af… Het folie is ervoor om eventueel vocht op de overgang van dak en overstek buiten de muren te geleiden. Maar het goed afwerken van de hoeken wordt ook nog wel een puzzel.

Het dak op

Het volgende onderdeel van het huis is het dak dicht maken. Dan kunnen we daaronder rustig en droog verder bouwen. Joris heeft besloten dat we eerst het hele dak dicht maken, zonder aandacht voor dakkapellen, dakramen etc. Als het nu weer droog zomerweer zou zijn, zouden we dat misschien anders doen, maar gewoon een dak over het skelet heen heeft nu de hoogste prioriteit.

Op de sporen komen houtvezelplaten. Daar bovenop de panlatten en dakpannen. Dat gaan we nu doen. Tussen de sporen komt nog een dikke laag vlaswol isolatie. En aan de binnenkant plaatmateriaal om het te ‘verstijven’. Dat gaan we later doen. Dan plaatsen we ook de dakramen en dakkapel.

De opbouw is dus hetzelfde als bij de werkplaats. Alleen hebben we toen van binnen naar buiten gewerkt, wat makkelijker is. Kon ook prima, want het was kurkdroog zomerweer. Dat is nu niet te doen, met ons werktempo zou alles veel te nat worden. Het materiaal kan best een beetje vocht hebben. Tenslotte is alles dampopen: vocht kan er ook weer uit. Maar het kan niet weken- en wekenlang in de winterregens staan.

(We weten nu al dat we erg gaan vloeken als we straks de vlaswol vanaf de binnenkant moeten aanbrengen. Maar ja, het alternatief is tot juni wachten… met het risico dat de zomer alsnog geen droge zomer wordt. Dat is gewoon geen optie.)

Stap 1 is het tijdelijk aanbrengen van panlatten aan de binnenkant van de sporen, zodat we aan de buitenkant omhoog kunnen klimmen om de houtvezelplaten aan te brengen.

Joris heeft OSB-platen (die ook al voor de bekisting waren gebruikt), als tijdelijke verdiepingsvloer over de balken gelegd. Dat werkt prima. Alleen, waar de trap komt en de vide in de hal, zit geen balklaag. Daar moet de steiger eraan te pas komen. En dat is een gedoe, want voor iedere panlat moet de steiger weer iets verplaatst worden. Veel op en neer geklauter dus. Alles voor de veiligheid…

Je kunt ook al een beetje zien hoe de vorm van de zolder straks gaat worden. Leuk!

Intussen zitten alle latten erop. Nu even wachten tot het een paar dagen droog en rustig weer wordt, want bij windkracht 7 op 6 meter hoogte met grote platen gaan balanceren is vragen om problemen!

Hoofd verbouwen

De oplettende lezer is het opgevallen dat er al een tijdje geen updates waren. Dat kwam doordat ik even uit de lucht was. Behalve dat we een huis aan het bouwen zijn moest mijn hoofd namelijk ook verbouwd. Ik heb had een ‘overbeet’ (waarbij de bovenkaak naar voren staat ten opzichte van de onderkaak) en een ‘open beet’ (de boven- en onderkaak lopen niet goed parallel maar naar voren toe wijken de kaakbogen uit elkaar). Heb ik 30 jaar geleden wel een beugeltraject voor doorlopen, maar daarna is alles weer in oude positie teruggekeerd. Intussen raken raakten alleen mijn achterste kiezen elkaar nog. Boterhammen afhappen was al jaren lastig en netjes articuleren werd ook steeds moeilijker. Op termijn kan dat ook tot kaakgewrichtsproblemen (3x woordwaarde) leiden.

Mijn tandarts (in Amersfoort) was dus al jaren aan het zeuren dat ik daar iets aan moest doen. Hij stuurde me (alweer ettelijke jaren terug) naar een orthodontist, die vertelde dat het niet goed ging komen zonder een operatie aan boven- en onderkaak. Toen ik hoorde wat dat inhield heb ik vriendelijk bedankt. En bij de jaarlijkse gebitscontrole, als de tandarts opnieuw ging zeuren, uitgelegd dat dat dus echt niet ging gebeuren.

Maar ja, toen de tandarts in Wolvega precies hetzelfde zei, en de orthodontist in Heerenveen ook, en de kaakchirurg ook… toen dacht ik dat ik misschien maar eens niet zo eigenwijs moest zijn voor de verandering. Zij hebben ervoor doorgeleerd, weetjewel? En eigenlijk zou het wel fijn zijn als ik mijn gebit nog een jaar of 40 goed kan gebruiken.

November 2018: oefenen met lachen met een beugel in

Dus sinds een jaar loop ik weer als beugelbekkie rond – net als toen ik 14 was, voelde me direct 30 jaar jonger! – en dinsdag 26 november zijn de boven- en onderkaak netjes recht gezet. In de weken daarvoor was ik druk met voorbereidingen. Stapel mooie boeken ingeslagen, de vriezer volgestopt met gezonde soep en pap, allerlei smoothie-recepten gebookmarked, gecontroleerd of de staafmixer het nog doet en een buurman geregeld om het schaap te melken op O-Day.

Gek genoeg zijn er massa’s dames die over hun kaakoperatie blogs hebben bijgehouden. Heel trendy dus om daarover te bloggen. Op basis van de horrorverhalen op die blogs zag ik er best wel erg tegenop. Maar even heel in vogelvlucht: dinsdag geopereerd, twee dagen vreselijk beroerd, daarna stijgende lijn, een hoofd dat geheel volgens script opzwol tot een peervormige voetbal en daarna weer langzaam tot normale proporties terugkeerde, in het weekend nog even een dip en de dinsdag erna was ik stiekem alweer panlatten aan het vastschroeven (niet te lang hoor).

Na de operatie, met interessante koelinstallatie om de zwelling (enigszins) tegen te gaan
Desondanks een peervormig hoofd op vrijdag. Bijzonder oncomfortabel…
Amper 10 dagen na de operatie: de zwellingen zijn nog niet helemaal weg, maar alweer bijna zo goed als nieuw 😉

Alles in orde dus!

Geconserveerde eieren

Van het voorjaar heb ik – bij wijze van experiment – eieren ingelegd in kalkwater, gedurende de korte periode dat de kippen veel legden. Niet al te veel eieren: om te beginnen moesten ze schoon zijn maar je mocht ze niet wassen. Dus als ze niet brandschoon uit het hok kwamen waren ze niet geschikt voor conservering. En daarnaast vroeg ik me toch af of het echt zou werken. Ik had er nog nooit van gehoord, dat kalkwater. En ten derde had ik gewoon niet zo heel veel geschikte potten.

Het handigst zijn potten met een schroefdeksel. Maar ze moeten natuurlijk wel groot genoeg zijn dat je er meer dan vier of vijf eieren in kwijt kan. Ik had maar één jumbo-augurkenpot. Daarom heb ik ook twee van de oude weckpotten gevuld die ik hier in de kelder vond. Maar daar heb ik geen rubbers en klemmen bij (die bestaan ook niet meer van dat merk, weet ik intussen. Had ik niet moeten weggooien dus.) Dus daar lag een dekseltje los op. Vond ik niet heel relaxed. Je zult maar eens per ongeluk zo’n pot omstoten. We hebben de afgelopen maanden dus ettelijke mega-potten met augurken leeggegeten. Kunnen we volgend leg-seizoen even vooruit.

Uiteindelijk had ik drie potten met zo’n 15 eieren per stuk. En het goede nieuws is: het werkt! De eieren ruiken niet en ze zijn (na meer dan een half jaar!) nog prima te gebruiken in gebak, hartige taart en dergelijke. Voor een gekookt of gebakken eitje op brood vind ik ze minder geschikt, de dooier is wat ‘los’ geworden. Maar ze zijn nog steeds lekkerder dan eieren uit de supermarkt. En hoeveel voldoening geeft het om de opbrengst van je eigen erf – zonder elektriciteit!- te kunnen conserveren!

Helaas zijn we nu al aan de laatste eieren bezig. Het wordt dus hoog tijd dat de dames weer gaan leggen . Daar zijn ze al een maand of twee geleden mee gestopt omdat ze allemaal in de rui kwamen. Eigenlijk vind ik dat die vakantie nu wel lang genoeg heeft geduurd. Maar ja, dat leggen is daglicht-gestuurd, dus we zullen nog wel een maandje geduld moeten hebben…