De klimaatverandering slaat weer ongenadig toe. Eerst van februari tot half mei vrijwel geen regen, dan een maandje een ‘normale’ zomer, en nu vanaf half juni temperaturen die tot tropische waarden stijgen.

Het land ziet er nog groen uit; ons staan de taferelen uit 2018, 2019 en 2020 nog helder voor de geest. Er is dus nog wel gras voor de schapen, maar ook op die groene weitjes is, zo rond midzomer, weinig schaduw. En ik weet niet of er óók nog voldoende gras voor ze is als het de komende dagen tot 38 (!) graden wordt.
Momenteel zet ik ze ’s ochtends in de wei-met-gras, dan om een uur of 11 in de wei-met-schaduw, na het middagmelken weer terug in de wei-met-gras en dan ’s avonds op stal, waar ik wat vers gezeisd gras serveer. De schapen vinden het prima, maar het is wel een hoop werk. Vooral omdat het gras in de wei-met-schaduw op is. Ik breng er nu takken heen, dan hebben ze wat te knabbelen.

Tijdens de ‘normale’ maand hebben we meer dan 80 mm regen gehad, dus op sommige weitjes stond het gras een halve meter hoog. Nu zo snel mogelijk maaien en hooi maken dus!


We leenden altijd de maaier van Arnaud. Maar die heeft een grotere gekocht. Dus we hebben zijn ‘kleine’ maar overgenomen. Die past goed bij ons kleine trekkertje. En bij de schaal van ons land. Het is wel weer een ding wat 364 dagen per jaar ergens moet staan. Maar ja, op die éne dag heb je’m wel nodig. En je kan dit niet ergens huren. En de loonwerker heeft veel te groot materieel voor ons land. Voordeel is dat we voortaan helemaal zelf kunnen beslissen wanneer we maaien.


Dus: weer maaien, schudden en harken, op het heetst van de dag!



